Paradiesmuehle Rischenau

Paradiesmolen Rischenau  

de versie van Nederland  

 

                                                              

                                                 Home Paradiesmolen  

                           

 

345 Jaar geleden, in het jaar 1664 liet Graaf Jobst Hermann van Lippe Biesterfeld, een voorvader van de inmiddels gestorven Prins Bernhard der Nederlanden, in Biesterfeld een molen bouwen. Het water uit vier geschakelde vijvers moest de molen aandrijven . De Paradijsvijver die boven de molen lag hoorde daar ook bij.

Trots waande hij zich volledig in zijn recht te staan, dit als Graaf te mogen doen, maar hij had geen rekening gehouden met de vijandigheid van de Aartsbisschop van Paderborn, die hier te lande zijn toestemming voor de bouw moest geven.

Al snel stuurde de Aartsbisschop zijn boodschappers, met een batterij soldaten, om de Biesterfelder molen te slopen.

Binnen een paar dagen werd de molen met de aardbodem gelijk gemaakt, al het hout kapot geslagen en ook het waterrad in stukken gehakt, zodat alleen de grondmuren nog over bleven………en zo gebeurde het, dat de bouwplaats honderd jaar in puin bleef liggen, tot Graaf Friedrich Carl August, de laatste Heer van Biesterfeld, de moed had om op 10 november 1764 de molen opnieuw op te bouwen.

De bouw van de molen kostte toen 734 Thaler, 20 Groschen en 4 Pfennig.

De molen diende in de eerste plaats als zaagmolen, voor het zagen van hout, maar ook als boormolen, voor het vervaardigen van waterleidingsbuizen uit boomstammen en natuurlijk als korenmolen voor het malen van koren en graan.

De molen werd daarna aan de respectievelijke Rentmeesters, de zogenoemde ”Konduktoren”, van de Domeinen en Hoeve Biesterfeld verpacht. De eerste molenaar was rentmeester Gebser.

In 1793 nemen Anton Müller en zijn zoon Dietrich de molen over en ze bewonen 2 vertrekken in het oude molengebouw: het huidige Molenkantoor en de daar achtergelegen keuken.

In deze tijd wordt voor het eerst de naam “Paradiesmühle”  gebruikt;  de naam slaat op de “paradijselijke”  arbeidspositie op basis van  de handelsvrijheid  …….en niet, zoals men zou kunnen denken op de ligging van de molen.

Vanaf 1833 beheert de plaatselijke Meester-schrijnwerker Heinrich Topp de molen, die er voor het eerst ook een Oliemolen bij bedrijft.

Negen jaar later gaat de molenhoeve voor een bedrag van 500 Thaler in erfpacht over naar Ernst Christian Herbst uit Elbrinx .

In die tijd ontstaat de in Vakwerk gebouwde aanbouw ( die na bijna 100 jaar in 2004 weer te voorschijn kwam.)

Op 2 december 1847 wordt de molen voor 1200 Thaler aan de molenaar Friedrich Warneke verkocht .Onder zijn beheer wordt de Oliemolen verder uitgebouwd en een nieuwe gerstmolen in bedrijf genomen .Twee zogenaamde Huisgeesten – één aan de wand van de schuur en één bij de waterval, en een grote steen in de turbineruimte – getuigen nu nog van zijn daden ( Een huisgeest is een steen met een gezichtje erop, die wordt ingemetseld in de muur van een nieuw vertrek. Als goede geest bracht hij het huis geluk )

Na de dood van Warneke in 1867 verkoopt zijn vrouw de molen voor 3200 Thaler aan Wilhelm Tegeler uit Mosebeck. 

Doch dit contract leek niet onder een goed gesternte te staan: donkere wolken pakken zich samen boven het geluk van de jonge molenaar: twee jaar na de koop van de molen verdrinkt zijn molenaarsknecht Friedel zich uit liefdesverdriet in de Paradijsvijver. ( er wordt verteld, dat zijn liefde voor een jong meisje van goeden huize onbeantwoord bleef)  

Twee maanden later sterft de molenaar smartelijk aan een hardnekkige longkwaal.

De weduwe Tegeler blijft zitten met een grote berg schulden en op 2e kerstdag 1870 besluit ze, met tegenzin, een huwelijk met de molenspecialist Heinrich Karl Wilhelm Specht uit Bodenwerder aan te gaan, om de molen van de ondergang te redden (De Huwelijksakte vindt u rechts bij het grote raam in de huidige “Galerie”)

Eindelijk lijkt het geluk weer te keren: onder het nieuwe beheer komt de molen opnieuw tot leven: een nieuw Waterrad wordt gebouwd, betere molenstenen worden aangeschaft en het opzetten van een vervoersbedrijf verbetert de service aan de klanten.

In 1887 wordt door de bouw en in gebruikneming van een Stoommachine meer capaciteit voor het maalwerk bereikt. ( In de huidige bar zijn nog goed bewaarde tekeningen hiervan aan de wanden te zien)

In die tijd gaat de molen en alles wat daarbij hoort van erfpacht over naar privé-eigendom.

In 1908 sterft het echtpaar Specht kinderloos.

Hun neef August Specht uit Niese neemt de molen over.

Onder zijn bewind wordt in 1922 de stoommachine verwijderd en door een elektromotor en later weer door een dieselmotor vervangen. In 1928 wordt het bovenslag waterrad vervangen door een veel sterkere turbine, die tot 1990 in bedrijf zal blijven

In de 2e Wereldoorlog sterven August Specht en zijn zoon Friedrich

De molen komt in 1946 in bezit van Fritz Hofmeister uit Rischenau, na zijn huwelijk met Friedrichs zuster Luise Specht, en wordt tot begin van de 90er jaren als molen en coöperatie voor de plaatsen rondom Rischenau gedreven. (Alles wat voor de landbouw nodig was ,werd hier verhandeld)

Na de dood van Fritz Hofmeister in 1990 erft zijn zoon Fritz-Jürgen de molen. Zijn tante Emma Specht hield het geheel in stand als de laatste “Molenaresse van Rischenau”

In 2004 neemt Bodo Westerhove, een uit Berlijn afkomstige exploitant –en een idealist-  de Paradiesmühle over en weet na een uitgebreide restauratie met hulp van vele vlijtige vrienden, het nieuw geopende molencafe te exploiteren

Na 345 jaar molengeschiedenis wordt de  “Paradiesmühle” nieuw leven ingeblazen .

Sinds 24.03.2005 kunnen wij u van harte uitnodigen in ons Café, Bistro en Biertuin en nodigen wij u uit voor een bezoek aan ons pension en het Molenmuseum.

Wij zijn zaterdags geopend vanaf 1500 uur.

Op zon – en feestdagen zijn wij vanaf 10.00 uur geopend

Iedere zondag serveren wij een Ontbijtmenu van 10.00 tot 14.00 uur.

Wij verheugen ons op uw komst

En groeten u vanaf de Lipperlander   “Paradiesmühle” Rischenau

Bodo Westerhove

www.paradiesmuehle.de

eMail : info@paradiesmuehle.de

Telefoon : 05283.94.92.91

Fax 05283.94.81.50

 

 

De Oranjeroute is een fascinerende toeristische ontdekkingsreis door de Nederlandse en Duitse steden en gebieden die vanuit de historie verbonden zijn met het Huis Oranje-Nassau.

Daarbij hoort onder andere het domein Biesterfeld

met de “Paradiesmühle “ Rischenau,
het Slot in Bad-Pyrmont:  de zomerresidentie van de vorsten van Waldeck-Pyrmont.

In 1897 trouwde de Nederlandse Koning Willem III met prinses Emma von Waldeck-Pyrmont. 

Hun dochter Wilhelmina werd op 18 jarige leeftijd tot koningin gekroond.

Haar dochter Juliana, trouwde Graaf Bernhard von Lippe-Biesterfeld.

En hun dochter is de huidige koningin Beatrix der Nederlanden

Op een reis langs deze route staan u talrijke burchten en kastelen en een grote variëteit aan heerlijke landschappen te wachten.

 

The Oranjeroute is a fascinating touristic discovery journey in the Netherlands and German cities and regions, which are historically connected for the house Oranien Nassau. In addition belongs also the domain beast field with the Paradiesmuehle Rischenau, the lock in Bad Pyrmont, the summer residence of the princes to Waldeck Pyrmont. Anno 1879 married the Netherlands king William III. the princess Emma von Waldeck Waldeck-Pyrmont, whose daughter at the age was crowned of 18 years as a queen Wilhelmina. Its daughter, Juliana, again married the count Bernhard to Lippe-Biesterfeld. The present queen of the Netherlands, Beatrix, is their daughter. As a traveler along this route expect you numerous castles and locks as well as large variety of wonderful landscapes.

  Home Paradiesmolen